Hockey is een balsport waarbij het doel van het spel de bal in het goal te krijgen van de
tegenstander.Het belangrijkste attribuut van de spelers op het veld is hun eigen hockeystick.
Hiermee slaan ze de bal naar elkaar toe met snelle steekpasses.
Hockey zoals wij het kennen is vooral buiten op het veld.
Er zijn nog twee andere varianten van hockey dan veldhockey:
- Zaalhockey
Hierbij wordt hetzelfde spel gespeeld als veldhockey maar dan in een zaal.
Regels zijn hierbij bijna gelijk aan elkaar.
- IJshockey
Hierbij wordt hockey gespeeld op ijs.
Het speel is moeilijker voor onder andere de keeper.
In vergelijking met zaal en veldhockey is het hierbij ook mogelijk om achterlangs het goal te gaan.
Speluitleg
In dit stuk willen we u wat meer uitleggen over het spel zelf.
De stickEen hockeystick is in gebruik om de bal naar elkaar te spelen of zelf een poging te doen op goal.
Verder heeft het ook de functie om de bal te onderscheppen van de tegenstander.
De stick heeft een bolle en platte kant en is gemaakt van hout of kunststof.
Aan het uiteinden van de stick zit een kromming.
Er is veel discussie geweest over de maximale kromming van de stick (hoe krommer de stick, hoe harder je kan slaan tegen de bal).
Op 1 september 2006 is er een verdrag gesloten over de kromming van de stick.
De maximale kromming is ingesteld op 25 millimeter.
De bal
Een hockeybal weegt tussen de 155 en 163 gram en heeft een diameter dat ligt tussen de 22,5 en 23,5 cm.
Bij professioneel hockey wordt altijd een gladde bal gebruikt.
Indien de bal een naad of kleine puntjes bevat is dit toegestaan maar wordt de bal een dimple bal genoemd.Deze bal wordt vaak gebruikt op waterveld.
De reden hiervoor is dat de bal dan sneller over het veld glijdt en zo minder gaat stuiteren.
Spelers in het veld
Hockey wordt gespeeld met 11 spelers waarvan 1 vaste doelkeeper.
Verplicht is dat de 10 veldspelers scheenbeschermers dragen en de stick in hun handen hebben (gooien met de stick is dus verboden).
De meeste spelers dragen gebitsbescherming maar dit is niet verplicht.
Keepers
In het spel bestaan er niet zoals voetbal en handbal maar een keeper.
Dit is iets unieks van hockey, want het spel heeft namelijk 2 keepers:
Een doelkeeper en vliegende keeper.
De doelkeeper: Deze keeper moet verplicht binnen de 23 meter cirkel blijven en is optimaal beschermd tegen harde ballen.
De keeper is namelijk uitgerust met:
- Kickers (voor bescherming van de voeten).
- Legguards (voor bescherming van de schenen).
- De keepersbroek
- Een toque (bescherming van het mannelijke geslachtsdeel).
- Een bodyprojector
- Handschoenen
- Elleboogbeschermers
- Een afwijkend shirt t.o.v. de veldspelers
- Een helm
Dit zijn nogal wat kleding stukken, maar alles wordt gedragen voor eigen veiligheid.
Toch is niet de hele uitrusting verplicht om te dragen.
Alleen de helm is verplicht, de rest is alleen voor eigen belang ingevoerd.
De vliegende keeper: Dit is een veldspeler die bij strafcorners een helm draagt (en de verplichte scheenbeschermers en evt. een gebitsbeschermer).
De vliegende keeper draagt ook een afwijkend shirt t.o.v. de andere veldspelers.
Een vliegende keeper heeft dezelfde rechten als een doelkeeper maar een vliegende keeper mag zonder helm ook buiten de 23 meter zone komen.
Een voorbeeld wat de vliegende keeper mag binnen de 23 meter cirkel en de andere veldspelers niet is dat degene de bal met elk lichaamsdeel mag raken.
Het veld
Er bestaan 2 soorten velden in het hockey:Waterveld en zandingestrooide velden.
Een tussenweg tussen deze twee velden wordt ook wel semi-waterveld genoemd.
Het speelveld waar men op speelt is 91,4 meter lang en 55 meter breed.
De lijnen op het veld zijn wit en 7,5 centimeter breed.
Een wedstrijd
Een hockeywedstrijd is ingedeeld in 2 periodes van beide 35 minuten.
Een rustperiode tussen de twee periodes is tussen de 5 en 10 minuten lang.
De start van de wedstrijd, na rust en een doelpunt is op het midden van het veld.
In tegenstelling met voetbal worden hockeywedstrijden geleid door twee scheidsrechters.
De scheidsrechters hebben beide recht om te fluiten op een helft van het veld.
Toch mag men op andermans kant fluiten voor een overtreding met uitzondering van het strafschopgebied.Dit moet men overlaten aan de collega.Scheidsrechters moeten ook samenwerken als een team bijvoorbeeld als de collega niet kan zien voor wie vrije bal was of door wie de overtreding werd gemaakt.
Overtreding: strafbal of strafcorner
Indien men een fout maakt zal men buiten de 23 meter cirkel een strafcorner ontvangen.
Bij een strafcorner moet de verdedigende ploeg achter de achterlijn staan en de aanvallende ploeg buiten de 23 meter cirkel.
Het voorkomen van een doelpunt is een moeilijke taak bij een strafcorner en wordt gedaan door 5 verdedigers; een keeper, 2 uitlopers, een lijnstopper en een vrije verdediger.
De lijnstopper mag tijdens de strafcorner een masker op, maar dit is niet verplicht.
Ook het aanvallen bij een strafcorner vergt enige organisatie.
Dit wordt gedaan door 3 man; een aangever, een stopper en iemand die bal op doel slaat of pusht.
Aanvallers en verdedigers mogen gaan lopen als de aangever de bal heeft geraakt.
Bij doelpunt moet men de plank van het doel raken.
Dit is een zeer gevaarlijke situatie tegenover de verdedigende ploeg.
Strafballen worden ook genomen bij gelijkspel.
Beide ploegen mogen hierbij 5 strafballen nemen en bij gelijkspel na 5 strafballen is het om en om door totdat er een winnaar is.
Dit is te vergelijken met penalty’s bij voetbal.
Nederland
In 1896 introduceerde Pim Mulier hockey in Nederland.
De sport werd niet direct een succes maar in de laatste 10 jaar zien we toch een sterke groei.
De stijging van 130.000 naar 200.000 leden bij de KNHB (Koninklijke Nederlandse Hockey Bond) laat dit duidelijk merken.
Wedstrijden worden ingedeeld in Nederland in:
- Junioren
- Senioren
- Veteranen (35+).
Op de veteranen gaan we verder niet op in.
Junioren
De junioren worden ingedeeld op leeftijd:
A = 16 –18 jaar
B = 14 – 16 jaar
C = 12 – 14 jaar
D = 10 – 12 jaar
E = 8 – 10 jaar
F = jonger dan 8 jaar.
Senioren
Het beste dat je kan bereiken in Nederland is de hoofdklasse.
De hoofdklasse bestaat uit 12 teams (geldt voor mannen en vrouwen).
Een stapje lager dan de hoofdklasse wordt de overgangsklasse genoemd.
Deze bestaat in totaal uit 24 teams (2 maal 12 teams).
